Een van de grootste dilemma's voor beginnende wietkwekers, is of ze moeten starten met wiet zaden of met stekken. Ze hebben geen flauw idee wat de beste keuze is. Vooral veel beginnende kwekers beginnen met een paar stekjes die ze ergens kopen. En dat gaat vaak prima. Maar waarom zou je met zaadjes kweken, en waarom met stekjes?

Zaden of stekjes, wat is beter?

De reden dat mensen vaak stekjes gebruiken in plaats van zaad is omdat ze dan al een klein plantje hebben, terwijl zaadplantjes in het begin niet zo veel doen. Dat heeft een reden. In de eerste twee weken (ongeveer) maakt een zaadplantje vooral veel wortels aan, zodat ze een stevige basis heeft. Daarna begint ze in een keer erg snel te groeien en vaak halen ze stekken dan ook in. Stekken van wiet zijn in het begin wel groter, maar omdat ze van een andere omgeving komen moeten ze eerst wennen aan de nieuwe omgeving. Na een weekje is dat meestal wel goed en beginnen de stekjes aan te slaan en goed te wortelen. Toch is er nog één groot verschil wat zaadplanten een stuk sterker maakt.

Een stekje maakt gewoon willekeurig wat wortels aan. Bij een zaadplant is dat een beetje anders. Na het ontkiemen schiet de eerste wortel (penwortel), de wortel die uit het zaadje komt, recht de grond in. En dat kan behoorlijk diep. Dit wordt uiteindelijk een sterke dikke wortel die de plant veel stevigheid geeft. Stekjes hebben deze wortel niet.

Dus vooral voor buiten zijn zaadplanten aan te raden. Maar vergis je niet, met stekjes zijn ook enorme opbrengsten te behalen.

Nog een verschil tussen zaad en stekjes is dat zaadplanten vaak meer symmetrisch zijn. Een stekje heeft de nodes vaak niet recht tegenover elkaar zitten. Opzich totaal geen probleem, maar niet echt handig als je bijvoorbeeld wil gaan mainlinen.

Waarom wietzaden?

Misschien wel de belangrijkste reden om voor zaad te kiezen is dat zaad geen ziektes of insecten met zich meenemen, in tegenstelling tot stekjes. Daarbij zijn er slechts enkele soorten stekjes beschikbaar, die je vaak ook nog eens alleen kunt kopen van grote criminele stekkenboeren. Stekjes zijn namelijk illegaal om te kweken of te verhandelen.

Wietzaden, daarentegen, zijn 100% legaal (totdat je ze ontkiemt). Daar komt ook nog eens bij er gigantisch veel soorten wietzaden zijn, dus de keuze is veel en veel ruimer. Neem bijvoorbeeld eens een kijkje in ons assortiment, en je komt gegarandeerd allerlei soorten tegen waar je nog nooit van hebt gehoord.

Waarom stekjes?

Het grote voordeel van stekjes is wel dat ze allemaal precies dezelfde genen hebben, omdat het gewoon een afgesneden takje is van de moederplant. Dit maakt stekjes ideaal als je erg veel planten wil zetten waar niet te veel verschil tussen mag zitten.

Conclusie: Wietzaden en stekken hebben beiden hun eigen voordelen. Voor de grote, commerciële kweker zijn (illegale) stekken aantrekkelijk aangezien deze voor wietplanten zorgen die allemaal hetzelfde groeien. Echter, zaden zijn doorgaans sterker en staan stabieler in de grond door hun penwortel. Daarnaast is er véél meer keuze in verschillende soorten wietzaden, en zijn wietzaden 100% legaal. Voor (kleine) buitenkwekers zijn wietzaden in de meeste gevallen gunstiger.